1. Introductie: Alarmbellen voor het Energienet
“Nederland op weg naar een blackout?” De vraag hing als een onheilspellende wolk boven een recente podcastaflevering, een vraag die direct inspeelt op groeiende zorgen over de stabiliteit van ons elektriciteitsnet. Te gast was Professor David Smeulders, hoogleraar Energietechnologie aan de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) en voorzitter van de groep Engineering Thermodynamics for Energy Systems. Zijn reactie op de alarmerende titel was genuanceerd, maar niet geheel geruststellend. “Nou een beetje alarmistisch misschien,” gaf hij toe, “maar ik denk wel dat het goed is dat we inderdaad eh toch wel voorzichtig blijven met eh met ons stroomnet en eh ja je kunt het een beetje zien als een eh als een evenwichtsoefening en eh af en toe dan zijn we toch wel eh redelijk eh ver op weg naar eh de uitgang eh ja naar de uitgang zou je kunnen zeggen ja.” (4:01)
Deze evenwichtsoefening, zo blijkt uit het gesprek, wordt steeds precairder. Professor Smeulders is niet zomaar een academicus die vanuit een ivoren toren doceert. Naast zijn diepgaande technische expertise is hij ook een actief lid en zelfs bestuurslid van GroenLinks in zijn woonplaats Nuenen. Deze unieke combinatie – de ingenieur die de technische beperkingen doorgrondt én de geëngageerde burger die streeft naar een duurzame toekomst – geeft zijn waarschuwingen een bijzonder gewicht. Hij overbrugt de kloof tussen groene idealen en de weerbarstige technische realiteit.
De context van het gesprek was veelzeggend: een recente, grootschalige stroomstoring in Spanje diende als een schrikbeeld, terwijl de energietransitie in Nederland op volle toeren draait. Kan wat in Spanje gebeurde, ook hier plaatsvinden? Smeulders is voorzichtig: “Ja maar de kans is wel iets kleiner.” (4:27) Kleiner, maar niet onbestaande. Volgens de professor, die zowel vanuit zijn technische achtergrond als zijn betrokkenheid bij GroenLinks spreekt, zet Nederland zijn energietoekomst op het spel door in hoog tempo de transitie door te drukken zonder voldoende aandacht te besteden aan de fundamenten. We belasten een onvoorbereid netwerk – een “campingnetje,” zoals hij het treffend noemt – en dreigen cruciale aspecten als betrouwbaarheid en betaalbaarheid uit het oog te verliezen in onze haast naar vergroening.
2. Het “Campingnetje”: Een Fragiel Fundament
De kern van Smeulders’ bezorgdheid ligt bij de staat van het Nederlandse elektriciteitsnet. Hij schetst een beeld van een infrastructuur die decennialang als vanzelfsprekend werd beschouwd. “Dat het natuurlijk zo is dat we jarenlang vertrouwd hebben op een stroomnet dat eh dat als het ware functioneert als de stoep hè die licht er maar daar hoef je helemaal geen aandacht aan te besteden… dat is het wel zo het elektriciteitssysteem is af daar hoeven we ook niks meer in te investeren,” (7:50) zo beschrijft hij de houding uit het verleden. Maar die tijd is voorbij.
Met de energietransitie, en met name de snelle afbouw van gas, komen “eigenlijk alle ballen op het stroomnet want, als het gas stopt dan is de stroom het het levensnet dat het over moet nemen.” (8:07) Het probleem is, volgens Smeulders, dat we daarbij zijn vergeten hoe beperkt dat net eigenlijk is. Hij haalt een uitspraak aan van een voormalige CEO van Tennet of Enexis: “toen hebben we eigenlijk vergeten dat we eigenlijk maar een campingnetje hebben… die heeft inderdaad gezegd: “We moeten daar toch wel mee oppassen eh als we dat niet op tijd kunnen versterken dan krijgen we toch problemen.” En dat dat begint nu toch een beetje te piepen en te kraken overal.” (8:19)
De symptomen van dit “piepen en kraken” zijn inmiddels overal zichtbaar. Bedrijven en nieuwbouwprojecten moeten soms jaren wachten op een aansluiting, omdat het net simpelweg vol zit. “Dat als je een aansluiting wil hebben dat het in sommige gebieden eigenlijk al niet meer mogelijk om dat in korte tijd voor elkaar te krijgen,” (8:43) stelt Smeulders vast. Tegelijkertijd wordt er met man en macht geprobeerd om toch nieuwe aansluitingen te realiseren, wat de belasting verder opvoert. Het gevolg: “dat betekent natuurlijk wel dat dat net dan weer eh zwaarder belast wordt dus als er een keer iets fout gaat dan is het natuurlijk ook wel eh inderdaad eh een probleem dan waar we vroeger wat reservecapaciteit hebben hadden hebben we dat nou niet meer.” (9:00)
De recente blackout in Spanje dient hierbij als een waarschuwend voorbeeld. Hoewel de precieze oorzaak nog onderzocht wordt, wijst veel in de richting van een overbelast en instabiel netwerk waar een kleine storing een domino-effect veroorzaakte. “Als je dus een redelijk onstabiel net hebt dus dat betekent dat je eigenlijk een beetje de grenzen aan het opzoeken bent van het net dan kun je natuurlijk ergens een kleine rimpeling veroorzaken en dat gaat dan als een olievlek gaat dat door het hele spectrum heen dus dat betekent dat je inderdaad een cascade een domino effect krijgt,” (10:22) legt Smeulders uit. Hoewel Nederland “misschien eigenlijk nog wel iets beter af [is] omdat wij meer verbindingen met het buitenland hebben dan Spanje” (11:02), waarschuwt de Spaanse ervaring voor de risico’s van het voortdurend opzoeken van de grenzen van het netwerk.
3. Het Verwaarloosde Trilemma: Groen vs. Betrouwbaar vs. Betaalbaar
Volgens Professor Smeulders is de kern van het probleem dat de energietransitie te eenzijdig is ingestoken. “Kijk we hebben heel lang natuurlijk gezegd van het moet allemaal groen dus we moeten vergroenen we moeten zo snel mogelijk die energietransitie in,” (12:13) vat hij de dominante gedachte samen. “En nu blijkt eigenlijk dat we twee andere aspecten dat we dat we die eigenlijk verwaarloosd hebben die twee andere aspecten zijn wel heel erg belangrijk dat is natuurlijk betrouwbaarheid dus energiezekerheid… en het andere is natuurlijk de betaalbaarheid die hebben we ook verwaarloosd.” (12:13, 12:24)
De betrouwbaarheid, of energiezekerheid, is niet alleen een technisch vraagstuk van netstabiliteit, maar heeft ook een geopolitieke dimensie gekregen. “Kijk 10 jaar geleden was het natuurlijk zo dat je er vanuit kon gaan dat je altijd voldoende gas kon importeren dus als je stopt met gaswinning in Groningen of in de Noordzee nou dan halen we het toch uit Rusland dat staat dat staat letterlijk in de documenten van eh van van 10 jaar geleden nou dat is dus weggevallen,” (12:35, 12:46) benadrukt Smeulders. De oorlog in Oekraïne heeft pijnlijk duidelijk gemaakt hoe kwetsbaar deze aanname was.
Daarnaast is de betaalbaarheid een steeds nijpender probleem geworden. Smeulders hekelt de politieke houding die dit aspect lange tijd negeerde. “Ik kan me nog herinneren dat een paar jaar geleden Rob Jette van D66 zei: “Ik wil het woord betaalbaarheid en haalbaarheid wil ik niet meer horen.” Nou en die twee woorden die zijn nu eigenlijk zou je kunnen zeggen terug van weg geweest,” (12:57) merkt hij scherp op. De gevolgen zijn voelbaar: “ik bedoel ik las laatst ergens dat we op deze manier eh 640.000 gezinnen eh met energiearmoede dreigen als die eh die tarieven van die eh gasprijzen blijven stijgen hè die energiebelasting.” (13:14) Het feit dat het energienoodfonds binnen enkele weken na opening alweer uitgeput was (13:25), onderstreept de urgentie.
Hier komt de dubbelrol van Smeulders als technisch expert én GroenLinks-lid prominent naar voren. Hoe navigeert iemand die zowel de technische realiteit kent als streeft naar een groene toekomst door dit complexe trilemma? Zijn technische achtergrond lijkt hem een pragmatischer perspectief te geven dan soms binnen de groene beweging hoorbaar is, zonder de noodzaak van verduurzaming uit het oog te verliezen. Juist vanuit een GroenLinks-perspectief is de betaalbaarheid cruciaal; een energietransitie die leidt tot wijdverspreide energiearmoede is immers geen rechtvaardige transitie. Smeulders’ pleidooi voor aandacht voor betrouwbaarheid en betaalbaarheid kan dan ook gezien worden als een oproep om de groene ambities te verankeren in een sociaal en technisch haalbaar plan.
4. “Wiebelstroom”: Het Tweesnijdend Zwaard van Hernieuwbaar
Een belangrijk onderdeel van de energietransitie is de overstap naar hernieuwbare bronnen zoals zon en wind. Maar deze “groene stroom” brengt zijn eigen uitdagingen met zich mee, samengevat in de term “wiebelstroom”. Professor Smeulders wijst op de inherente instabiliteit en onvoorspelbaarheid van deze bronnen.
De impact op het net is aanzienlijk. Netbeheerders zitten met de handen in het haar, vooral door de snelle opkomst van zonne-energie. “Kijk als je met netbeheerders eh spreekt dan zeggen ze: “Wij zitten op het moment echt met samengeknepen tenen eh te kijken naar bepaalde transformatorhuisjes waar we echt al extra koeling hebben aangebracht…”” (15:03) Dit is nodig omdat “wanneer de zon opkomt eh in een wijk waar waar alle zonnepanelen al liggen dan komt er ineens een waterval in dit geval eh van van de zonnestroom komt het net op en die transformatorhuizen die zijn daar gewoon niet op gebouwd.” (15:21)
Naast de fysieke belasting is er de onvoorspelbaarheid. “Het andere is die voorspelbaarheid dus je kunt ook niet voorspellen wanneer dat eh wat wat dat gaat eh opleveren hè het zal op een gegeven moment komt er weer een wolk voorbij en dan valt het weer ineens weg dus dat betekent dat er echt op een andere manier met het eh net eh moet worden omgegaan.” (15:34) Nederland wekt inmiddels ongeveer de helft van zijn stroom groen op (zon en wind), vergelijkbaar met Spanje (als kernenergie niet wordt meegerekend). Dit hoge aandeel variabele bronnen betekent “natuurlijk toch wel dat je dan eigenlijk in inherent een instabiel systeem hebt en dat je dus inderdaad zorg moet zorgen dat je back-up hebt en snel ook.” (15:56, 16:18)
Smeulders is kritisch op het beleid dat deze situatie heeft verergerd. Met name de salderingsregeling voor zonnepanelen, die mensen stimuleert panelen te leggen, had volgens hem al jaren geleden afgeschaft moeten worden. “Het is natuurlijk ook heel raar dat wij tot op heden nog steeds die eh salderingsregeling in de lucht hebben gehouden ik ik volgens mij heb ik al vier jaar geleden gezegd die moeten zo snel mogelijk af want dat betekent natuurlijk dat je de mensen stimuleert om steeds meer zonnepanelen aan te leggen… je moet niet vooruit gaan lopen op het eh op de kracht van het eh van het netwerk en dat hebben we nu wel gedaan.” (17:33, 17:49) Netbeheerders roepen inmiddels op om te stoppen met het stimuleren van meer zonnestroom: “Stop met die zonnestroom op dit moment er is gewoon echt we hebben onze doelstelling voor 2032 hebben we al gehaald en wij zitten met eh met de problemen.” (17:21)
Er is bovendien een disbalans ontstaan tussen zon en wind. Idealiter vullen deze elkaar aan (“meer wind in de winter… meer zon in de zomer”), maar “eigenlijk lopen we nu veel verder voor met zon dan wind dus eh ying yang ja dat klopt het is uit evenwicht ook daar.” (18:08, 18:34) Gemeenten kiezen vaak liever voor zonneweides dan windmolens om lokale weerstand te vermijden, wat de disbalans en de druk op het net vergroot.
De ultieme oplossing voor de “wiebelstroom” is opslag, maar daar schort het aan. “Dat zijn essentieel de twee grote problemen en de oplossing daarvoor is natuurlijk dat wij niet genoeg opslagcapaciteit hebben je moet ergens natuurlijk een opslagcapaciteit hebben een buffer.” (20:30)
5. Gas: De Ongemakkelijke Noodzaak
Te midden van de roep om snelle vergroening, brengt Professor Smeulders een ongemakkelijke boodschap: we kunnen voorlopig niet zonder aardgas. Hij bekritiseert het, in zijn ogen, te rooskleurige beeld dat door politici is geschetst. De interviewer haalt een eerdere uitspraak van Smeulders aan: “Hoogleraar energietechnologie David Smeulders zegt in het FD dat politici veel te enthousiast hebben voorgespiegeld dat we zo snel mogelijk van het gas af moeten dat is niet het eerlijke en realistische verhaal dat is altijd al duidelijk geweest dat we nog lange tijd gas nodig hebben.” (11:41)
Smeulders zelf bevestigt dit beeld in het gesprek: “we hebben ons te lang niet gerealiseerd dat we aardgas echt nog tot minstens 2045 zijn de laatste ideeën nodig hebben.” (13:55) De haast om van het gas af te gaan, zonder dat er volwaardige, betrouwbare alternatieven klaarstaan, vergelijkt hij treffend: “en dat betekent dat we eigenlijk een beetje onze ogen hebben gesloten van nou we gaan volle kracht energietransitie in en we hebben onze schoenen eigenlijk eh weggegooid voordat we nieuwe hadden dat daar komt het een beetje op neer.” (14:02, 14:08)
Het contrast met het oude systeem is groot. De flexibiliteit van gascentrales, die naar behoefte harder of zachter gezet konden worden (“als dat er inderdaad wat meer stroom nodig was dan belde je de baas van de gascentrale en dan zei je kan hij even wat harder” – 20:11), is ingeruild voor de onvoorspelbaarheid van zon en wind. Dit maakt het balanceren van vraag en aanbod, de kerntaak van netbeheerders, exponentieel veel complexer en onderstreept de voortdurende rol die gas – al dan niet in combinatie met CO2-afvang of als basis voor waterstof – zal moeten spelen in de transitieperiode.
6. Conclusie: Een Oproep tot Pragmatisme en Balans
De boodschap van Professor David Smeulders is helder en urgent. Het Nederlandse stroomnet, ons “campingnetje”, kraakt onder de druk van een snelle energietransitie die te weinig oog heeft gehad voor de technische, economische en maatschappelijke realiteit. De eenzijdige focus op vergroening heeft geleid tot het verwaarlozen van cruciale aspecten als betrouwbaarheid en betaalbaarheid, met potentiële blackouts en groeiende energiearmoede als gevolg. De opmars van “wiebelstroom” uit zon en wind, zonder adequate opslagcapaciteit en netverzwaring, vergroot de instabiliteit, terwijl de noodzaak van aardgas als transitiebrandstof te lang is onderschat.
Wat Smeulders’ analyse extra gewicht geeft, is zijn unieke positie. Als hoogleraar Energietechnologie aan de TU/e beschikt hij over diepgaande technische kennis. Tegelijkertijd is hij als actief lid en bestuurder van GroenLinks Nuenen betrokken bij de politieke en maatschappelijke kant van de verduurzamingsopgave. Zijn waarschuwingen komen niet voort uit weerstand tegen verandering, maar uit een doorleefd begrip van de complexiteit en de noodzaak om groene ambities te koppelen aan technische haalbaarheid en sociale rechtvaardigheid.
Zijn pleidooi is er een voor pragmatisme en balans. Een energietransitie die slaagt, zo lijkt Smeulders te betogen, is er een die niet alleen mikt op duurzaamheid, maar deze integreert met de eisen van een stabiel, betrouwbaar en betaalbaar energiesysteem. Het vereist eerlijke communicatie, realistische planning, forse investeringen in netinfrastructuur en opslag, en een slimme mix van energiebronnen, inclusief een voorlopige rol voor gas. Alleen door de technische realiteit onder ogen te zien en de groene idealen te verankeren in een haalbaar plan, kan Nederland de evenwichtsoefening op het stroomnet tot een goed einde brengen en een daadwerkelijke blackout voorkomen.
Referenties:
GroenLinks Nuenen: GroenLinks Nuenen. (Geraadpleegd 30 april 2025). David Smeulders. https://nuenen.groenlinks.nl/onze-mensen/david-smeulders
Transcript gebaseerd op: YouTube. (Datum van publicatie onbekend in transcript). Opsop Live #192. https://www.youtube.com/live/49dOz7QIiRc?si=UWC4lGOlvkKWjsIN
Profiel David Smeulders: Eindhoven University of Technology. (Geraadpleegd 30 april 2025). David Smeulders. https://www.tue.nl/en/research/researchers/david-smeulders

Plaats een reactie